Saab Safir

De Saab Safir is een basic trainings vliegtuig gebouwd in 1945. De Rijksluchtvaartschool in Eelde heeft lange tijd gebruik gemaakt van deze trainers. De PH-RLA van Robert van Swieten is een graag geziene gast op airshows.

Technische gegevens:
De Saab 91A wordt aangedreven door een 125-pk vier cilinder De Havilland Gipsy Major zuigermotor 2c, of een 145-pk Gipsy Major 10 zuigermotor. De 91B, B-2 en C heeft een zescilinder Lycoming O-435A motor met 190 pk. Terwijl de 91D een viercilinder Lycoming O-360-A1A motor met 180 pk. heeft
 

Ontwerp en ontwikkeling
De eerste vlucht van de Safir was op 20 november 1945. De volledig metalen Safir werd ontworpen door Anders J. Andersson, die eerder werkte voor Bücker, waar hij de volledig houten Bücker Bü 181 "Bestmann" ontwierp. De Safir heeft veel conceptuele kenmerken van zijn voorganger, de Bestmann.

Er werden er 323 gebouwd in 5 versies (A, B, B-2, C en D). De Safir werd gebruikt als trainer door de Zweedse, Noorse, Finse, Oostenrijkse, Tunesische en Ethiopische luchtmacht gebruikt, en een enkel vliegtuig door de Japanse Self-Defense Force als een STOL testplatform.
Grote civiele gebruikers waren Air France, Lufthansa en de Nederlandse Rijksluchtvaartschool (RLS) in Eelde, bij Groningen.
De SAAB 91B, die verscheen in 1951, werd besteld door de Zweedse luchtmacht. Een totaal van 323 Safirs werden er gebouwd waarvan 120 in licentie door de Schelde in Dordrecht, Nederland.

RLS Rijksluchtvaartschool


October 1971 Zo Hans, daar gaat je stropdas !

Hoe de Rijksluchtvaartschool ontstond en op Eelde terechtkwam.
Niets is zo belangrijk voor de luchtvaart als een goede opleiding van jonge piloten. Het is een tak van vervoer die zich steeds verder ontwikkelt en die intussen ook veel specialisaties kent. Op de Luchthaven Eelde zijn nu vier vliegopleidingen actief, waarvan twee opleiden voor het commerciële vliegbrevet. De oudste daarvan, nu KLM Flight Academy geheten, is begonnen als Rijksluchtvaartschool, de officiële vakopleiding voor verkeersvliegers in Nederland. Die RLS is niet zomaar tot stand gekomen.

In de periode na de Eerste Wereldoorlog, toen de vliegerij nog volop in de groei zat, had je alleen maar piloten die over het 'groot militair brevet' beschikten. Dat was voor de beginnende burgerluchtvaart goed genoeg. Men moest de voormalige jachtvliegers alleen nog afleren om hun toestel met passagiers niet te vliegen, als was het een gevechtsvliegtuig. Het moest allemaal wat rustiger gebeuren. De vlieger had nu ook de verantwoordelijkheid voor betalende lading, passagiers en/of post. En dat was andere koek. De luchtvaartondernemingen zorgden aanvankelijk zelf voor bijscholing en aanvullende trainingen van hun personeel. Geleidelijk aan werd een eigen burgervliegbrevet nodig. Het eerste verkeersvliegerbrevet werd op 15 april 1921 uitgereikt aan KLM-gezagvoerder G.J. Geysendorffer, die reeds als zeer bekwaam en ervaren vlieger bekend stond.

Na de oorlog werd op 1 januari 1946 officieel de 'Rijks Luchtvaart School' opgericht, met eigen directie, eigen luchtvloot en eigen onderwijzend personeel. In april 1946 werd met 78 leerlingen begonnen op het vliegveld Gilze-Rijen. Een nieuw element was de sterke voorselectie op geschiktheid voor het vak verkeersvlieger. In 1950 werd de NAVO opgericht, waardoor de belangen van de militaire luchtvaart weer sterker naar voren kwamen. Op Gilze-Rijen werd ook een militaire vliegopleiding gevestigd. In 1952 oefenden de RLS-leskisten eigenlijk al niet meer op Gilze-Rijen, maar vlogen meteen door naar het Limburgse vliegveld Beek. Alweer: géén ideale situatie….

Eelde werd bestemd tot uitwijkhaven voor Schiphol en werd voorzien van twee moderne verharde startbanen plus verdere outillage. Tegelijkertijd (en mede daarom) kreeg Eelde de RLS met de opleiding tot verkeersvlieger toegewezen, waarmee Deelen en Beek afgevallen waren.
Op 16 augustus 1954 vloog de RLS-luchtvloot met Harvards en Beechcrafts in formatie over Eelde om er daarna zijn intrek te nemen. Ze werden verwelkomd door duizenden enthousiaste bezoekers. Dat was het feitelijk begin van de RLS op Eelde.

De Rijksluchtvaartschool kreeg een splinternieuw gebouwencomplex op het vliegveld, dat op 15 mei 1957 werd geopend. Bijna alle Brabanders waren mee overgekomen. Binnen 3 jaar hield slechts 15% het voor gezien en keerde terug naar het Zuiden. De eerste grootschalige 'spreiding van rijksdiensten' was geslaagd. In het Noorddrentse dubbeldorp Eelde-Paterswolde verrezen twee nieuwe woonwijken, een RK-kerk en een RK-school.
'De school' zorgde voor bedrijvigheid op het vliegveld. In eigen werkplaatsen werden de toestellen onderhouden. In het begin kende men ook vaklieden als vleugelbespanners en zadelmakers (voor de leren vliegtuigstoelen), maar bij enkele bezuinigingsronden in crisistijden is flink gesneden in het rijkspersoneel.

In 1950 kocht de Rijksluchtvaartdienst acht SAAB Safir 91A. De SAAB 91A werd in 1959 vervangen door de SAAB 91D met de kleinere maar sterkere motor met meer ruimte . De RLS op het vliegveld Eelde bij Groningen had door de jaren heen 23 Saab 91D vliegtuigen in dienst. De SAAB 91D Safir PH-RLC werd geregistreerd op 16 oktober 1959. De registratie werd op 21 oktober 1980 doorgehaald en in 1984, verkocht aan Zweden en daar op 11 april 1985 als SE-IRN geregistreerd en vliegt daar nog steeds.